Onderzoek naar jongvolwassenen met kanker

Gepubliceerd op 19 december 2018 08:56

Antoni van Leeuwenhoek ontvangt bijna 8 miljoen euro subsidie van KWF Kankerbestrijding.

KWF Kankerbestrijding heeft dinsdag 18 december subsidies toegekend aan negen onderzoeksprojecten van het Antoni van Leeuwenhoek. Prof. Winette van der Graaf en dr Olga Husson van het Antoni van Leeuwenhoek ontvangen een subsidie van 2,8 miljoen voor onderzoek naar de behandeling en begeleiding van jongvolwassenen met kanker. “Jongvolwassenen kunnen hele specifieke problemen ervaren. We kunnen nu structureel onderzoek naar deze groep doen, zowel naar de het ontstaan van de ziekte als de behandeling ervan. Dat is wereldwijd uniek.” Ook onderzoek naar hormonale borstkanker van prof. dr Wilbert Zwart is door KWF gehonoreerd met een bedrag van ruim 600.000 euro. 

Onderzoek naar kanker bij jongvolwassenen

Jaarlijks krijgen 3800 jongvolwassenen (18-39 jarigen) de diagnose kanker. Oncoloog Winette van der Graaf is heel blij met deze subsidie: “Dit is fantastisch. Nu kunnen we de komende vijf jaar een uniek, landelijk onderzoeksplatform opzetten waarin we gegevens van 4.000 jongvolwassenen verzamelen. Gegevens om beter te kunnen begrijpen wat de risicofactoren voor het krijgen van kanker op jongvolwassen leeftijd zijn, waarin tumoren verschillen van die van kinderen en ouderen, en wat het betekent in het dagelijks leven om op deze leeftijd kanker te krijgen. Het platform wordt gelinkt aan het nationale AYA ‘Jong en Kanker’ platform.”

De tumoren op deze leeftijd zijn heel divers. Het kan gaan om een vorm van kinderkanker, of om specifieke tumoren die op jongvolwassen leeftijd ontstaan, zoals zaadbalkanker en Hodgkin, of om de kankersoorten die vaak op oudere leeftijd voorkomen, zoals borst- en longkanker. Het platform biedt de mogelijkheid om onderzoek te doen naar eventuele erfelijke factoren, genmutaties en de langetermijneffecten bij deze groep.

Ook de psychosociale aspecten en de kwaliteit van leven worden onderzocht. Winette van der Graaf: “Jongvolwassenen staan aan het begin van hun carrière, of zijn deze aan het opbouwen. Relaties zijn nog volop in ontwikkeling en er is in de meeste gevallen een kinderwens. We willen heel graag weten welke interventies we kunnen inzetten om hun kwaliteit van leven te verbeteren. Maar ook hoe zij omgaan met een ziekte waar je niet beter van wordt. En we zijn benieuwd hoe zij over hun ziekte willen communiceren, met hun behandelaar, met lotgenoten, met hun omgeving. Hoe kunnen social media hierbij worden ingezet?”


«   »